Bij de Kadernota 2014

Beschouwingen bij de Kadernota 2014


Waar staan en gaan wij voor?

ChristenUnie-SGP staat voor christelijk-sociale politiek. Onze uitdaging, landelijk en lokaal, ligt in het streven om te werken aan een land waarin1:

  • Mensen mogelijkheden hebben zelf inkomen te verwerven

  • Minder bedeelden hun recht ontvangen

  • Recht en gerechtigheid heersen

  • Vreemdelingen recht krijgen

  • Rentmeesterschap het beheer van de gemeente stempelt

  • Verdrukkers geen plaats krijgen

De overheid past een rol om een dergelijke samenleving te faciliteren en te stimuleren. Niet om verantwoordelijkheden over te nemen.


De context waarin we opereren

De bestuurlijke uitdagingen voor de komende jaren hebben vooral te maken met mens- en samenlevingszaken en worden gedomineerd door alsmaar verschuivende panelen op het niveau van de landelijke politiek. De landelijke akkoorden buitelen over elkaar heen en de wijzigingen stapelen zich op. Met een pennenstreek worden zware dossiers bij de gemeenten “ in de mik geduwd” en hiermee worden -op rijksniveau- enorme besparingen ingeboekt. Intussen wordt er wat afgepraat maar echte voortgang wordt niet geboekt. De aanvankelijke verbazing is bij ons via zorg inmiddels omgeslagen in irritatie: zo ga je niet met elkaar om.
De economische motor is stevig vastgelopen, werkloosheid en beroep op bijstandsuitkeringen nemen fors toe. De huizenmarkt zit grondig op slot, er wordt nauwelijks meer gekocht, gebouwd en verbouwd. En onder die omstandigheden moeten gemeenten hun weg zien te vinden.

Een kijkje in de achteruitkijkspiegel

Uit de beschouwingen bij voorgaande kadernota’s, begrotingen en jaarrekeningen is duidelijk dat wij naast zorg voor de zwakkeren ook staan voor financiële degelijkheid: een gezond huishoudboek, een gedegen inzicht in financiële risico’s en duidelijke en tijdige communicatie hierover.

Wij houden niet van mooie praat en loze woorden. Wie de moeite neemt terug te kijken naar onze beschouwingen van vorig jaar zal het met ons eens zijn dat we ook toen geen loze woorden hebben gebruikt. We hebben ons toen wederom hard gemaakt voor zorg voor de minder bedeelden alsmede de jeugdige inwoners van Enkhuizen.
Juist die twee punten bleken in november 2012 het breekpunt met de toenmalige coalitiepartijen VVD/D66, Nieuw Enkhuizen en CDA. De groteske en niet met een visie onderbouwde ingrepen die zij voorstelden in het minimabeleid en de ontwikkeling van jeugdigen waren onverteerbaar voor ons.
Het verschil werd duidelijk tijdens de behandeling van de begroting 2013: de toenmalige coalitiepartijen kozen voor verfraaiing van straten in de binnenstad, ChristenUnie-SGP voor de kwetsbare mens.
De rest is historie: VVD/D66 zag zich geconfronteerd met een andersdenkende meerderheid, kon hiermee niet leven en trok de steun aan het college in, Nieuw Enkhuizen en CDA volgden in haar kielzog. Onnodige wachtgeldlasten waren het gevolg.

In januari 2013 is een nieuw college geïnstalleerd dat de korte resterende periode tot de komende gemeenteraadsverkiezingen in maart 2014 zal overbruggen. Het coalitieprogramma is hierop afgestemd: realistisch, sober en oog voor het gezond houden van de financiën van de gemeente.

Wel zijn we blij dat zo bezuinigingen op onder meer raad en college – al door ons voorgesteld in de beschouwingen van vorig jaar – nog dit jaar doorgevoerd konden worden. Want met de vele pijnlijke bezuinigingen willen we niet nalaten zelf in de spiegel te kijken.

Het zal niet gemakkelijk worden, want naast de bezuinigingsdrift van de landelijke overheid zijn in de nalatenschap van het vorige college een paar lastige dossiers opgenomen: voorziene grote financiële tekorten in het onderhoud van de kapitaalgoederen en buitenruimte, het vastgelopen SMC-dossier en het vertalen van de bezuinigingsplannen naar daadwerkelijke uitvoering ervan.

Blik vooruit: de kadernota 2014

Onze oprechte waardering voor de kadernota en bijlagen. Een flinke klus, een inzichtelijk document.
De kadernota’s van afgelopen jaren maken, als je ze er nog eens bij pakt, niet blij. De term “beleidsarm” staat er al jaren in en bij elkaar opgeteld zijn de afgelopen drie jaar voorstellen gedaan om in totaal 3,3 miljoen euro, op een totaal van 40 miljoen euro, te bezuinigen. En als je bedenkt dat de grote decentralisaties vanuit de rijksoverheid er nog aan komen, zullen we de komende jaren doorlopend met bezuinigen bezig blijven. Geen leuk vooruitzicht, maar het is niet anders.

Financiële dekking

In de raadsvergadering van 17 januari 2013 is voorspelbare kritiek geleverd door de nieuwbakken oppositie en zijn vragen gesteld over de financiële dekking van de plannen en ideeën in het coalitieakkoord. Deze kadernota vormt in onze beleving een reactie op die kritiek en vragen:
1) De bezuinigingen vinden plaats langs het pad en in de volgorde zoals geschetst in het coalitieakkoord.
2) Wenselijk nieuw beleid is opgenomen, het meerjarenperspectief is sluitend.
3) Belastingen en heffingen worden alleen geïndexeerd en verder kostendekkend gemaakt. Niet alleen coalitiepartijen, maar ook de oppositiepartijen worden hiermee op hun wenken bediend.

Bezuinigingsplannen

Natuurlijk hebben wij wel zorgen. Onderstaand enkele hiervan:
1) Formele besluitvorming over de ambtelijke fusie met Stede Broec en Drechterland moet nog plaatsvinden. Als die onverhoopt niet zou doorgaan, betekent dit dat dit jaar nog bijstelling van de bezuinigingsvoorstellen zal moeten plaatsvinden.
2) Onderdeel van de bezuinigingen vormt de flinke doelstelling om structureel 350.000 euro te besparen in het kader van lean management. In het bedrijfsplan voor de SED-organisatie is echter een nog weinig indrukwekkend “track record” inzake lean management opgenomen. Wij kunnen ons nog heel duidelijk de stelligheid en de blauwe ogen van de portefeuillehouder P&O herinneren over de realiseerbaarheid van de plannen. Daar houden we de portefeuillehouder dus aan. SED of niet: minimaal 350.000 euro structureel in eigen exploitatie bezuinigen door lean management.
3) Verder blijkt uit de voorjaarsnota 2013 de forse stijging van de bijstandsuitkeringen door de aanhoudende crisis. Het college veronderstelt dat deze stijging niet structureel is. Argumenten voor, maar ook tegen deze veronderstelling zijn alle zacht. Ook wij weten niet hoe de (nabije) toekomst er zal uitzien. Hoewel de bestemmingsreserve voor bedrijfsvoering juist voor dit soort onzekere situaties in het leven is geroepen en we begrijpen dat het college voorstelt de reserve te gaan inzetten in de komende jaren, baart het interen op deze reserve ons zorgen. Voor ons is een alternatief: verder bezuinigen op bestaande uitgaven, ook bespreekbaar.

Sportpark Immerhorn

Het stemt ons tevreden dat er eindelijk geldmiddelen worden vrijgemaakt voor verbetering van de sportfaciliteiten in Immerhorn. Fatsoenlijke, maar sobere faciliteiten.
Toegegeven, het is bescheiden, maar toch. Hiermee bekennen we kleur richting de gebruikers van Immerhorn, maar van evengroot belang is dat ook zij kleur bekennen: samenwerken of zelfs fuseren, meedenken in het invullen van faciliteiten in Immerhorn binnen de beschikbaar gestelde middelen.

Uitbreiding handhaving

De uitbreiding van de formatie met 1 fte ten behoeve van handhavingstaken is wat ons betreft het maximaal haalbare op dit moment. De extra en bestaande capaciteit wordt wat ons betreft ingezet voor zaken die er echt toe doen: ergernissen in de openbare ruimte zoals onveilig en asociaal parkeergedrag, alcoholverstrekking aan minderjarigen, veilig over straat kunnen gaan (ongeacht het tijdstip), veilig uitgaan en veilig bouwen.

Nieuw verkeersplan

Graag ontvangen we nadere toelichting op nut en noodzaak van een nieuw verkeersplan. We staan op voorhand niet te trappelen. Ervaringen in het (recente) verleden geven ons in dit dossier weinig hoop voor de toekomst. De bestuurlijke en ambtelijke aandacht kan wat ons betreft beter worden besteed aan de komende vloedgolf van nieuwe gemeentelijke taken op het gebied van zorg, werk en jeugd.

Tot slot

Kijken we alleen naar ontwikkelingen van de economie en de daaruit voortvloeiende bezuinigingen dan stemt ons dat nogal somber. Toch willen we benadrukken dat deze omstandigheden -naast pijnlijke maatregelen en situaties voor veel mensen- ook positieve gevolgen hebben en kansen bieden. Tegenover afnemende materiële groei van de consumptie staat toenemende leefbaarheid op immaterieel terrein:

  • Individualisme neemt af en juist relaties met familie, buren en vrienden worden weer belangrijker.
  • Stijgende prijzen voor natuurlijke grondstoffen, voedsel, energie en water gaan verspilling tegen en
  • Spullen worden langer gebruikt of hergebruikt.

Hoewel dit niet in geld is om te rekenen, zijn deze resultaten wel belangrijk. Want hiermee neemt onze consumptie af, wordt onze “footprint” kleiner en dat zijn goede stappen richting duurzaamheid!

De sterk veranderende werkomgeving door optuiging van regionale samenwerkingsverbanden, de voorbereidingen van een mogelijke ambtelijke fusie met de buurgemeenten en een collegewisseling raken vooral de ambtelijke medewerkers van de gemeente. Wij willen onze waardering voor hun inzet en betrokkenheid uitspreken.

Als direct richtsnoer geldt voor ons hetgeen in Micha 6:8 is verwoord:

Er is jou, mens, gezegd wat goed is,
je weet wat de Heer van je wil:
niets anders dan recht te doen, trouw te betrachten
en nederig de weg te gaan van je God”
.

Wij leven in het besef dat we dit werk mogen doen in afhankelijkheid van en dienst aan onze God en vragen Hem deze zegen ook voor collega-raadsleden, het college, de ambtelijke medewerkers en de inwoners van Enkhuizen.

1 ChristenUnie, Idealen in crisistijd, 18 april 2012