Bij de Kadernota 2013

Algemene beschouwingen bij de Kadernota 2013

Inleiding

De omstandigheden waaronder de kadernota 2013 is geschreven, zijn net als de versie van 2012 niet gunstig. Ten tijde van de kadernota 2012 was er onzekerheid over het bestuursakkoord tussen de Rijksoverheid en de gemeenten. Onzekerheid is er nu weer door het recente ontslag van de regering. Het daarna gesloten lente-akkoord lijkt een beperkte houdbaarheid te hebben. Daardoor blijft er onzekerheid over dossiers die een grote invloed hebben op gemeenten. De ChristenUnie was initiatiefnemer voor het lente-akkoord vanuit het besef dat stevige ingrepen nodig zijn en dat daarbij compromissen moet worden gesloten waardoor eigen idealen onder druk komen te staan. Pijnlijk, maar we lopen niet weg voor verantwoordelijkheden.

Het politieke debat wordt gedomineerd door crises op financieel, ecologisch en cultureel vlak. Westerse samenlevingen hebben decennia lang op de pof geleefd: welvaart gebaseerd op schuld. Financiële schuld, maar ook een ecologische schuld. Onze footprint is onvoorstelbaar groot. Als ieder op aarde op eenzelfde welvaartsniveau zou leven als wij hier in Nederland zijn daar drie aardbollen voor nodig. Was de overtuiging tot voor kort dat het ontbreken van groei achteruitgang betekende, nu zullen we onze nek moeten uitsteken om uit te dragen dat er een einde moet komen aan meer dan genoeg. Genoeg is genoeg.
Op cultureel vlak moet gewerkt worden aan een samenleving waarin mensen zelfbewust niet alleen de eigen vrijheden gebruiken en waar nodig verdedigen of opeisen, maar minstens net zo zelfbewust ook anderen hun vrijheden gunnen. Niet alleen vrijheid van meningsuiting, maar ook van godsdienst. Maar ook over de grenzen van die vrijheden kunnen spreken: als de vrijheid van de één inperking van de vrijheid van de ander betekent, moet daarover gesproken kunnen worden. Denk hierbij aan de wens tot onbeperkte winkelmogelijkheden tegenover de gevolgen die dat heeft voor middenstanders. Dan moet je als overheid regulerend durven optreden.

De financiële crisis heeft ook gevolgen voor Enkhuizen, haar bewoners en de gemeentelijke organisatie. De jongste verkenningen in de kadernota laten zien dat de financiële vooruitzichten snel verslechteren. Goed op de winkel passen en proberen het voorzieningenniveau intact te houden is het gekozen ambitieniveau.


Waar staan en gaan wij voor?

ChristenUnie/SGP staat voor christelijk-sociale politiek. Onze uitdaging ligt in het streven om te werken aan een land, een stad waarin1:

  • Mensen mogelijkheden hebben zelf inkomen te verwerven

  • Minder bedeelden hun recht ontvangen

  • Recht en gerechtigheid heersen

  • Vreemdelingen recht krijgen

  • Rentmeesterschap het beheer van de gemeente stempelt

  • Verdrukkers geen plaats krijgen


Wij vinden dat de “harde” dossiers, zoals SMC, Diligence, verbouwing of renovatie van de Drom, parkeren en het al of niet afsluiten van een straat erg veel aandacht krijgen: aan de raadstafel, in de media en op sites en fora. Begrijpelijk, want het zijn tastbare en dankbare onderwerpen om even lekker mee aan de slag te gaan. Wij zullen ook zeker de eerste steen niet werpen maar vinden dat hierin teveel tijd en energie gaat zitten.

Die tijd en energie kan wat ons betreft beter besteed worden aan samenlevingszaken. Zorg voor degenen die het niet (meer) op eigen kracht redden. Maar daarnaast ook aan de slag met, voor en door ieder die die kracht wel heeft: er is zoveel te doen in verenigingen, zorginstellingen, in de openbare buitenruimte, voor mensen. De samenleving zorgt voor jou, jij zorgt voor de samenleving. Gezinnen vormen de voedingsbodem voor de samenleving en verdienen ondersteuning indien nodig.

De overheid past een rol om een dergelijke samenleving te faciliteren en te stimuleren.

Onze regio was een voortrekker in het terugdringen van alcoholgebruik onder de jeugd. Wij zijn verheugd om te constateren dat het besef nu ook bij andere politieke partijen in Den Haag is doorgedrongen dat de leeftijd waarop alcohol mag worden verkocht verhoogd zou moeten worden naar 18 jaar. Een hernieuwd offensief tegen overmatig alcoholgebruik mag wat ons betreft prominent op de samenwerkingskalender, niet alleen in SED-verband maar voor geheel West-Friesland.

Uit de beschouwingen bij voorgaande kadernota’s, begrotingen en jaarrekeningen is duidelijk dat wij ook staan voor financiële degelijkheid: een gezond huishoudboek, een gedegen inzicht in financiële risico’s en duidelijke communicatie, verrassingen zijn ongewenst.

Kadernota 2013

Onze oprechte waardering voor de kadernota en bijlagen. Een flinke klus, een inzichtelijk document.

De context

De kadernota 2013 staat net als die voor 2012 in het teken van de bezuinigingen. In 2012 is al een structurele bezuiniging van 1,5 mio afgesproken, uit de kadernota 2013 blijkt dat aanvullende bezuinigingen van 0,9 mio nodig zijn. In totaal derhalve structureel 2,4 mio. Dat is flink op een begroting van in totaal circa 40 mio.

ChristenUnie/SGP heeft vorig jaar al duidelijk gemaakt zich in de ingezette koers te kunnen vinden: allereerst en bovenal snijden in de gemeentelijke organisatie, ten tweede bezuinigen op de subsidies van de grote 4 en als derde categorie beperkt lasten verhogen waar de kostendekkendheid van de tarieven en de markt (denk aan de al hoge toeristenbelasting) dit toelaat.

Een extra bezuinigingstaakstelling
Vorig jaar hebben we benoemd dat het toen voorgestelde bezuinigingsniveau niet toereikend zou zijn en hebben er toen voor gepleit de bezuinigingstaakstelling te verhogen. Dat is niet gebeurd maar blijkt nu helaas wel nodig te zijn.

Een vierde categorie is nu toegevoegd om het totale bezuinigingsniveau van 2,4 mio te kunnen halen: besparen op bestaand beleid. Vervelend, maar waarschijnlijk onontkoombaar. Het totale bezuinigingspakket dient een afgewogen verdeling over lastenverlaging en inkomstenverhoging te kennen. Afgelopen jaar heeft laten zien dat de crisis nu echt merkbaar en voelbaar is in ons land: een toenemende werkloosheid en instroom in de bijstand, een toenemende beroep op de schuldhulpverlening en voedselbanken. Het lente-akkoord laat zien dat maatregelen van de landelijke overheid de burgers al stevig in de portemonnee raken. Daarom hebben wij er moeite mee de aanvullende bezuinigingsdoelstelling voor een bedrag van 200.000 euro in te vullen door extra belastingverhogingen. Wij kiezen ervoor dit bedrag niet in te vullen door belastingverhogingen, maar door extra bezuinigingen op bestaand beleid.

Wat ons betreft kijken we daarbij ook zelf in de spiegel. Sinds 2010 hebben we een beleidsarme begroting. We gaan steeds meer samenwerken met andere gemeenten waarbij we (tot op heden) geen regierol hebben. Op de gemeenschappelijke regelingen hebben we steeds minder invloed. Het niveau van de bovenwettelijke uitgaven is 3,4 mio2 op een totale begroting van 40 mio. Dat is ruim 8%. Heeft Enkhuizen daarvoor 17 raadsleden nodig? En zouden we, als deze ontwikkelingen zich doorzetten, na de eerstvolgende gemeenteraadsverkiezingen misschien met twee in plaats van drie wethouders de klus kunnen klaren? Wij willen het onderzoeken van de mogelijkheid hiertoe nadrukkelijk in de beschouwingen betrekken.

Planningstermijn nog steeds te kort
Een belangrijk kritiekpunt uit eerdere beschouwingen is ongewijzigd gebleven: we vinden de planningstermijn te kort. Grote uitgaven in 2015 en later zijn daardoor nu nog niet in het vizier terwijl we nu al na moeten denken over de financiële consequenties daarvan. Voorbeelden zijn de nieuw te realiseren huisvesting voor (brede) scholen in binnen- en buitenstad, implementatie van de HERT-visie maar ook kosten voor opwaardering of verplaatsing van binnen- en buitensportfaciliteiten. Liever hebben wij dat ambtelijke capaciteit hieraan wordt besteed dan aan een uitermate gedetailleerde voor- en najaarsnota. Die mate van detaillering is schijnzekerheid, dat hebben de verschillen tussen najaarsnota en jaarrekening in de afgelopen jaren laten zien. Als nu al blijkt dat de wensen niet zonder meer realiseerbaar zijn, moeten we nu al denken hoe ons op die uitgaven kunnen voorbereiden: op andere plekken extra bezuinigen of de inkomsten op tijd verhogen. Of wellicht gewoon de planvorming stoppen.
Bij de behandeling van de begroting 2012 heeft de wethouder toegezegd hiermee aan de slag te gaan. In deze kadernota is daar helaas nog niets van te zien.

Algemene reserve gaat zo wel erg snel op

Vorig jaar hadden we kritiek op het feit dat normale, te voorziene uitgaven niet uit de algemene reserve dienen te worden betaald. Vorig jaar betrof dat nog een te overzien bedrag voor bijvoorbeeld de aanschaf van apparatuur voor de brandweer, maar in de kadernota 2013 wordt voorgesteld om voor 2013 787.000 euro aan “eenmalige uitgaven” uit de algemene reserve te dekken. Daarnaast zal een kleine 400.000 euro aan de algemene reserve worden onttrokken omdat de geplande bezuinigingen op de eigen bedrijfsvoering niet direct kunnen worden gerealiseerd. Zo teren we erg snel in en beperken de speelruimte voor toekomstige bestuurders. Wij kunnen hiermee niet instemmen.

Beleidsvoornemens van het college
Een bulletsgewijze reactie:

  • Opvallend is dat bij mogelijke besparingen op ingezet beleid de kapitaallasten voor verbouwing van de Drom niet zijn opgenomen. Dat is toch ook ingezet beleid?

  • Inzicht omtrent het benodigde niveau voor de onderhoudsvoorzieningen is hard nodig. In onze beschouwingen bij de kadernota 2012 hebben wij al opmerkingen gemaakt over wegrottende bruggen in de buitenstad die toen zijn weggewuifd door de wethouder. Het is jammer om te constateren dat er te vroeg gewuifd is. Wij hebben, mede ingegeven door de recente raadsbrief over de bruggen een onbestemd gevoel over de kwaliteit van de ramingen waarop politieke besluitvorming is gebaseerd en daardoor het “in control” zijn van het college op dit dossier. Ook het bedrag van 260.000 euro voor het herstel van de kademuur bij de Drommedaris draagt niet bij aan een goed gevoel over de kwaliteit van de ramingen van onderhoudskosten.
    Eerst maar eens helderheid over de benodigde voorzieningen, de hardheid van de cijfers en dan pas praten over extra geld voor bijvoorbeeld Snouck van Loosenpark.

  • De gewenste formatie-uitbreiding ten behoeve van bouw- en woningtoezicht trekt een zware wissel op de toekomstige exploitatie. Wij zijn niet overtuigd van de noodzakelijkheid hiervan.

  • Wij vinden het zorgwekkend dat er budget wordt gevraagd voor het opstellen van een bomenbeleidsplan en een beeldkwaliteitsplan. Hoe ver moet je met dit soort uitgaven willen gaan in een gemeente die zich als regiegemeente ziet? Dan moet je dit soort kennis en capaciteiten toch in huis hebben om een goede gespreks- en onderhandelingspartner te kunnen zijn voor marktpartijen waaraan je vervolgens uitvoering uitbesteedt? Voor de organisatie-ontwikkeling die daarvoor nodig is, hebben we toch juist veel geld apart gezet? Om dit soort uitgaven goed te kunnen beoordelen, moeten wij kunnen beoordelen of dit nodig is en niet in eigen organisatie kan worden opgevangen. Dat inzicht ontbreekt. Wij zouden hierover graag de discussie aangaan met het college.

  • Dat geldt ook voor de 300.000 euro voor de aanpassing van de bedrijfsvoering. De cost gaat voor de baet uit , maar die baet moet kwantitatief en kwalitatief meetbaar zijn. Eerst duidelijkheid waaraan het geld zal worden besteed: op welke punten zal de organisatie worden aangepast, wat zijn de structurele baten in termen van meer en betere output en hoe maak je deze inzichtelijk, meetbaar en controleerbaar. En waarom worden deze kosten niet ten laste van de reserve voor organisatie-ontwikkeling gebracht?

  • Beschikbaar te stellen kredieten: herinrichting Verlaat hoeft wat ons betreft nog niet te gebeuren. Eerst (zoals in het meerjarenperspectief genoemd) maar eens duidelijkheid over het verkeersplan, daarna weer verder met herinrichting van straten. Voor de herinrichting van de Karnemelksluis geldt hetzelfde, maar deze lijkt noodzakelijk door combinering met rioleringswerkzaamheden.

Tot slot
Uit deze beschouwingen is het maar weer eens gebleken: politiek houdt zich meestal alleen maar bezig met problemen waarbij het vaak en moeilijk zoeken is naar goede reactie op die problemen. Wij houden ons hierbij vast aan de bevrijdende waarheid dat we dit werk mogen doen in afhankelijkheid van en dienst aan onze God. Wij vragen Hem deze zegen ook voor collega-raadsleden, het college, de ambtelijke medewerkers en de Enkhuizer samenleving.


Arno Noorman arno.noorman@gmail.com
Herma Compaan hermacompaan@gmail.com
Johan van Dalfsen johanvandalfsen@gmail.com

Note:

  1. ChristenUnie, Idealen in crisistijd, 18 april 2012
  2. Bijlage 3 bij kadernota 2013